AA Tekstgrootte
Visie op Flevoland

Margot Weijnen, een energieke ontmoeting

24 maart 2016

Onlangs spraken Ingrid Rozie en Co Verdaas met Margot Weijnen, lid van de WRR en hoogleraar proces- en energienetwerken aan de TU Delft.

Omdat Margot geen tijd had om op het door ons gekozen moment naar een ateliersessie te komen, bezochten we Margot op haar werkplek; de WRR in Den Haag. Het gesprek met Margot Weijnen was uiterst inspirerend en waardevol. Op een gedegen en deskundige wijze zette ze op een systematische wijze de werking van de energiemarkt uiteen.

Door technische inefficiëntie werkt de energiemarkt niet ideaal. Margot zette op heldere wijze uiteen dat de energiemarkt een Europese is, en dat daar in het net en het creëren van een level plating field vooral de keuzes gemaakt moeten worden. Dat betekent niet dat er regionaal en lokaal afgewacht kan worden. Het is en-en. Overal moeten meters gemaakt worden, maar heldere keuzes op (inter)nationaal niveau kunnen de transitie op regionaal en lokaal niveau ondersteunen en versnellen. Het is de ultieme opgave om de verschillende niveaus met elkaar te linken.

Over de doelen voor de Europese CO2 reductie geeft Margot aan dat we soms wat raar mee omgaan. Door het uitgeven van emissierechten levert besparing op de ene plek weer uitstoot op de andere plek op. Ook is de emissieprijs niet goed ontwikkeld. Het plafond van CO2 emissies moet op de schop. De prijs is te laag en het plafond wordt niet aangepast. Dat betekent per saldo dat elke toevoeging van duurzame energie tot lagere prijzen leidt voor CO2 emissies ... Hoezo het paard achter de wagen spannen? Ook is er een bodemprijs nodig in het systeem, om dit serieus te kunnen laten meewegen in investeringsbesluiten.

Voor energie hebben we te maken met een marktwerking. Maar de markt is amoreel. Wanneer je de markt binnen één land aan banden legt, dan ontstaat verstoring van de wisselwerking tussen markten. Margot haalt het voorbeeld aan van Maryland, New Jersey, waar de energiemarkt weer genationaliseerd is.

We gaan naar een all electrical society, waarvan het eindgebruik schoon is. Op Europese schaal zal op enkele plekken niet hernieuwbare energie worden opgewekt, daar waar geen wind of zon te vinden is. In deze all electrical society zijn de emissies veel beter in bedwang te houden dan in het huidige systeem met emissies van cv-ketels, benzineverbruik etc.

Voor de opmars van de elektrische auto is de ontwikkeling en levensduur van accu’s van belang. Standaarden zijn hierbij goed voor flexibiliteit, bijvoorbeeld (inter)nationaal gebruik van dezelfde laadpalen voor opladen van elektrische auto’s.

Ook voor warmte geldt dat dit zich afspeelt in het commerciële domein. Maar warmte is ook een vitale functie, waarvan we naar de duurzaamheid moeten gaan kijken. Nu wordt gas gebruikt voor lage niveaus van warmte, dit is zeer inefficiënt. Wanneer we hier niets aan doen, dan blijven we de omgeving in plaats van de woningen verwarmen. Maar zon en wind investeringen worden als ‘meer sexy’ ervaren dan het energieneutraal maken van woningen. Hierin speelt ook me dat een groot deel van de huizenbezitters niet in de (financiële) mogelijkheid is om aan woningverbetering te doen. In dit vraagstuk is veel te winnen. Regionale overheden kunnen deze problematiek oppakken.

Co stelt: het gaat om collectiviteit versus individualiteit. Margot geeft aan dat het een overheidstaak is om te zorgen dat ook de lage inkomens kunnen meekomen in deze ontwikkelingen.

Voor Biomassa vallen de prognoses op Nederlandse schaal tegen. Lokaal kan dit wel interessant zijn. Hierbij blijven de kwetsbaarheid van de bodem en de samenloop met voedselproductie aandachtspunten.

Margot benadrukt nogmaals dat het durven kiezen voor een helder perspectief beter is dan geen keuze maken. Investeerders en ondernemers hebben behoefte aan zo’n perspectief. Ook al blijkt over 30 jaar dat er wellicht betere keuzes gemaakt hadden kunnen worden, door niet te kiezen betaal je ook een prijs.

En wel of geen klimaatwet? De symboliek kan helpen, maar of het echt een oplossing is. Daar was ze nog niet helemaal uit. Maar de WRR werkt aan een advies over energie, dus als dat verschijnt, weten we vast meer.

Prof.dr.ir. M.P.C. (Margot) Weijnen

Hoogleraar Process & Energy Systems Engineering TU Delft

Margot Weijnen is lid van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR).  Zij is sinds 1994 hoogleraar process and energy systems engineering aan de TU Delft, faculteit Techniek, Bestuur en Management. Centrale thema's in haar onderzoek zijn het modelleren van: infrastructuursystemen als socio-technische systemen, en het ontwerpen van netwerkregulering in interactie met infrastructuurgebonden markten, in het bijzonder op het terrein van energie-infrastructuur.

Daarnaast is zij onder andere wetenschappelijk directeur van de Stichting Next Generation Infrastructures. In deze functie leidt zij een consortium van kennisinstellingen, marktspelers en overheidsorganen, met als doel de sectorspecifieke problemen die bestaan in de huidige infrastructuurnetwerken en -sectoren te onderzoeken en hiervoor oplossingen te ontwikkelen. Het onderzoeksprogramma is sterk interdisciplinair ingericht, waarbij disciplines als bouwkunde, natuurkunde, scheikunde, wiskunde samenwerken met economie, rechten en psychologie.

Reageren zonder in te loggen? Schrijf je reactie, vul je naam en e-mailadres in en vink ‘Ik reageer liever als gast’ aan.