AA Tekstgrootte
Visie op Flevoland

Het wordt nooit meer zoals het was...

8 maart 2016

Het wordt nooit meer zoals het was… dat stellen Pieter Tordoir, Frank van Dam en Co Poulus. De suburbanisatiegolf die ontstond als gevolg van de naoorlogse woningbouwopgave en de ontwikkeling van de stadsgewesten is het afgelopen decennium nagenoeg opgedroogd. Flevoland zal nog wel blijven groeien maar niet meer zo onstuimig als we de afgelopen decennia hebben gemaakt. Daarnaast krijgen we te maken met een nieuwe demografische ontwikkeling, een steeds groter deel van onze bevolking is ouder dan 65. Vaak wonen zij alleen doordat hun partner overlijdt.

Poort van Amsterdam

Tegelijkertijd verwachten ze wel dat er altijd een innige demografische relatie zal blijven bestaan tussen vooral Almere en Amsterdam. Almere is onderdeel van het stedelijk gebied van Amsterdam. In toenemende mate vervult Almere daarbinnen een functie als toegangspoort voor nieuwkomers uit de provincie en het buitenland. In Almere vinden zij een betaalbare woning vanwaar uit ze wooncarrière kunnen maken in Almere, binnen de polder of de agglomeratie Amsterdam; Almere als roltrap. Die rol zal de komende decennia aan kracht winnen is de verwachting.

Op dit moment is het aantal huishoudens dat vanuit Amsterdam naar Almere trekt zeer beperkt. Deze lijkt aan te trekken, de Haarlemmermeer, Haarlem en Zaanstad zijn echter veel meer in trek. Frank van Dam is optimistisch en stelt dat de kwaliteit van Almere op lange termijn ook deze groep zal blijven trekken. Niet iedereen wil onder de rook van Schiphol wonen. Daarnaast heeft Flevoland volgens Co Poulus de kwaliteit (flexibiliteit) om snel te reageren op korte termijn bewegingen op de woningmarkt, zoals de stroom migranten uit het Midden-Oosten en de onmogelijkheid om binnen afzienbare tijd tienduizenden woningen in Amsterdam te realiseren zoals momenteel de gedachte is.

Onderdeel van onze omgeving

Niet alleen Almere, ook de andere gemeenten in Flevoland hebben een innige relatie met de omliggende stedelijke centra, wel met onderscheidende oriëntaties. We werken in Amsterdam, doen boodschappen in Harderwijk en Zwolle, bezoeken familie en recreëren binnen en buiten de polder. Meer dan in welke regio in Nederland zijn we onderdeel van onze omgeving. De sprekers zijn met elkaar van mening dat Flevoland bij het bepalen van haar koers, het formuleren van plannen en beleid alleen effectief zal zijn als vanuit dat inzicht wordt geacteerd. Werken, voorzieningen en sociale relaties; onze dagelijkse dingen doen we kennelijk moeiteloos binnen en buiten de polder. Dit gegeven betekent dat we bij het bepalen van onze koers juist in Flevoland altijd de relaties over de provinciegrenzen heen onder de loep moeten nemen.

Krimp ook in de stad

In de Noordoostpolder zal de vergrijzing op termijn (na 2030) leiden tot krimp. Ouderen hebben andere behoeften en voorzieningen nodig. Daar zullen we als samenleving op in moeten spelen. Opmerkelijk is dat krimpprocessen zich ook in het stedelijk gebied zal voordoen. Jonge gezinnen worden ouder, de kinderen gaan het huis en met name in het geval van koopwoningen -waarvan er in Flevoland bovengemiddeld veel zijn- is de verhuisbereidheid van ouderen beperkt. Dit gegeven in combinatie met het grootschalige karakter van de nieuwbouw in het verleden maakt dat dit zichtbaar effect zal hebben en zal noodzaken tot stedelijke vernieuwing. 

Stabiele gemeenten

Tordoir schetst een positief lange termijnperspectief voor Lelystad, Zeewolde en Dronten. Van een forse groei zal naar verwachting geen sprake meer zijn maar voor alle gemeenten geldt dat ze er goed voor staan. Dronten en Zeewolde vanwege de hechte en economisch vitale gemeenschap die ontstaan, Lelystad vanwege de ligging en met name de (nieuwe) infrastructuur die ontwikkeld wordt.

De Noordoostpolder krimpt weliswaar, maar is onvergelijkbaar met de krimpgebieden in andere delen van Nederland, sociaaleconomisch staat het gebied er beter voor dan bijvoorbeeld de Veenkoloniën. De perifere ligging nabij een aantal grote stedelijke centra (Zwolle en Amsterdam) in combinatie met de unieke landschappelijke kwaliteit biedt wellicht kansen voor het aantrekken van ondernemingen. Ontwikkelruimte (regelgeving) is dan cruciaal.

Aandachtspunten

Op grond van de geleverde inzichten tijdens deze sessie zijn er de volgende aandachtspunten voor het vervolg:

  1. De gemeenten binnen de provincie hebben een oriëntatie op diverse ruimtelijke woning- en arbeidsmarkten. Dit geldt ook voor de bewinkeling. Voorzien wordt dat deze markten verder ruimtelijk opschalen;
  2. Als geen andere provincie is Flevoland zo verbonden met zijn omgeving. Dit betekent dat in het denken over Flevoland het woord ‘afbakening’ uit het vocabulaire moet verdwijnen;
  3. Het denken moet zich richten op diverse relevante netwerken en de actoren daarbinnen, die uiteenlopende ruimtelijke schalen hebben en in verandering zijn (‘spaces of flows’).

Presentaties:

Reageren zonder in te loggen? Schrijf je reactie, vul je naam en e-mailadres in en vink ‘Ik reageer liever als gast’ aan.