AA Tekstgrootte
Visie op Flevoland

Er is leven na de pionier!

29 januari 2016

Op een prachtige koude ‘Blue Monday’ reisden mijn collega en ik af naar Amsterdam. Tram 16 bracht ons voor de deur van de Heineken Experience. Maar we kwamen er niet om een biertje te proeven. We wilden graag de curator van de Heineken Collectie spreken. Je zou het niet verwachten, maar zij is de aangewezen persoon om ons verder te helpen in de zoektocht naar de identiteit van Flevoland.

Demelza van der Maas is sinds een half jaar curator van de Heineken Collectie, die het historisch archief, het erfgoed en de kunstcollectie van Heineken omvat. Maar belangrijker voor ons is dat Demelza in mei 2014 promoveerde op de geschiedenis, identiteit en binding in de IJsselmeerpolders. In haar proefschrift ‘Verleden boven water’ onderzocht ze welke verhalen er in de polder met het regionale en lokale erfgoed worden verteld, waar deze verhalen vandaan komen en hoe ze met wisselend succes worden ingezet voor het creëren van identiteit en binding.

Demelza reisde vier jaar lang door heel Flevoland, onderzocht erfgoedpraktijken en sprak met veel mensen. “Ik ontdekte dat de verhalen die met het erfgoed verteld worden zich telkens rond drie hoofdlijnen concentreerden”, vertelt Demelza. “Ten eerste het verhaal van de strijd tegen het water. Sluizen, dijken en gemalen worden tot monumenten verheven en de ingenieurs worden letterlijk op voetstukken geplaatst. Het tweede verhaal is dat van de pioniers. Deze term was eerst nog voorbehouden voor de stoere mannen die de eerste spades de grond in zetten, maar werd later steeds breder toegepast. Van een exclusieve identiteit werd de pionier juist een inclusieve identiteit: in de polder is nu iedereen pionier. En vanaf de jaren negentig wordt ook het verhaal rondom de prehistorische vondsten ingezet om Flevoland het gevoel te geven een hele lange gezamenlijke geschiedenis te hebben: ineens was Flevoland niet het jongste, maar het oudste stukje Nederland!  In kunstprojecten, speeches van bestuurders en in musea. Overal komen deze drie verhaallijnen terug, en niet zonder reden. Velen menen dat een plek zonder geschiedenis een plek zonder identiteit is, en dat verhalen over een gedeeld verleden nodig zijn om de polderbewoners zich thuis te laten voelen in het nieuwe land.” Demelza onderzocht in hoeverre dat doel wordt gerealiseerd. En dat blijkt tegen te vallen. “De verhalen bleken niet heel succesvol. De inwoners van Flevoland herkennen zich er vaak niet in en eigenen zich de verhalen niet toe.”

“Dat is op zich niet zo vreemd”, vervolgt Demelza. “De verhalen gaan namelijk allemaal over een tijd waarin verreweg de meeste Flevolanders hier nog niet woonden. Ze eindigen bij het sluiten van de laatste dijk en het stichten van de laatste new-town. Ze hebben daarom onbedoeld juist een uitsluitend karakter: als je geen (afstammeling van een) pionier bent, dan hoor je niet bij het verhaal van Flevoland.”

We moeten volgens Demelza daarom op zoek naar de verhalen van de generaties die hier na die tijd zijn komen wonen. Woningzoekers, jongeren, arbeidsmigranten, ondernemers: verhalen van de mensen van nu. Want, zo is Demelza overtuigd, er is leven na de pionier!

Heeft u verhalen van nu? Verhalen over waarom u in Flevoland woont en wat u daarbij voelt? Laat het ons weten! Schrijf een gastartikel of mail ons.

Reageren zonder in te loggen? Schrijf je reactie, vul je naam en e-mailadres in en vink ‘Ik reageer liever als gast’ aan.