AA Tekstgrootte
Visie op Flevoland

Atelierverslag: Trek naar de stad

7 april 2016

De stad is hot and happening, wereldwijd en in Nederland. Door de eeuwen heen was de stad dé plek om te zijn. De forse krimp en suburbanisatiegolf die in de jaren zeventig, tachtig en negentig waren slechts een hick-up.

Flevoland ligt binnen de invloedssfeer van twee stedelijke gebieden, de agglomeratie (de stad en de omliggende gemeenten) Amsterdam en de regio Zwolle. Reden genoeg om met Otto Raspe en Pieter Tordoir stil te staan bij de ‘trek naar de stad’.

Diensteneconomie heeft de toekomst

De diensteneconomie heeft de toekomst en draait op contacten en de nabijheid van gekwalificeerde mensen, de stad dus. Amsterdam en Utrecht zijn sterk gegroeid op dit vlak en hebben een dominante positie. Zwolle blijkt zich daarentegen vooral sterk ontwikkeld te hebben in de productie van goederen.

Daily urban systems

Hoe verhoudt Flevoland zich ten opzichte van deze bewegingen? Pieter Tordoir heeft op ons verzoek gekeken naar de relaties die Flevoland heeft met deze stedelijk gebieden. Hij kijkt tussen welke gebieden mensen zich dagelijks verplaatsen voor hun werk, sociale contacten en vrije tijdsbesteding; ‘Daily Urban System’. Die vertaalt hij naar bewegingen voor de lange termijn. Een aantal zaken vallen op in zijn verhaal over Flevoland (zie ook de bijgevoegde powerpoint).

Relaties met omliggende gebieden

Wat opvalt is dat de Flevolandse gemeenten onderdeel zijn van verschillende dagelijkse systemen. Wat uit de kaartbeelden naar voren komt is dat Lelystad daarbij behoorlijk op zichzelf staat en een minder verbonden is met Amsterdam dan altijd wordt gedacht. Almere is wel duidelijk onderdeel van de agglomeratie Amsterdam. Almeerders werken, recreëren en ontmoeten hun vrienden daar.

De relatie van Dronten naar Zwolle bestaat vooral uit leisure en winkelactiviteiten. De woon-werkbalans valt in het voordeel van Dronten uit.

De vraag die opkomt is wat dit inzicht betekent voor de wijze waarop we in de regio onze interventies richten.

Flevoland als plek om te wonen

De jarenlange groei die Flevoland en Almere in het bijzonder tot 2000 kenmerkte is de afgelopen 15 jaar afgenomen. Werkende jongeren en jonge gezinnen kiezen nog steeds, maar minder vaak voor de polder. Een aandachtspunt is dat het aantal hoger opgeleiden dat voor Flevoland kiest ook afneemt. Deze tendens zette al voor de crisis in. Dit is echter geen reden om bij de pakken neer te gaan zitten. De steden groeien en trekken nieuwkomers aan uit het hele land en buitenland. Een grote groep heeft niet de middelen of is niet bereid om een woning te kopen binnen de Ring van Amsterdam of het centrum van Zwolle. Veel mensen kiezen ook bewust voor veel woning in een groen-blauwe omgeving. Met name Almere vervult in die zin een poortfunctie voor Amsterdam. Ook de rest van Flevoland kan profiteren van deze ontwikkeling. Flevoland biedt unieke woonomgeving die aantrekkelijk is voor stedelingen onder de voorwaarde van een uitstekende bereikbaarheid.

Internationale kenniswerkers

De trek naar de stad is een internationaal fenomeen. Circa 100.000 internationale kenniswerkers wonen in Nederland. Het overgrote deel daarvan werkt en woont in Amsterdam, een grote groep woont in Amsterdam en werkt elders in Nederland. Otto Raspe van het Planbureau voor de leefomgeving heeft enkele jaren geleden onderzoek gedaan naar de woonvoorkeuren onder deze groep. Het overgrote deel geeft de voorkeur aan een hoog stedelijke omgeving zoals die in Amsterdam is te vinden. Met name mensen met een technische of natuurwetenschappelijke achtergrond zijn geïnteresseerd in meer suburbane woonomgevingen. Deze groep is echter relatief klein.  

Inkomensongelijkheid in de stad

De steden zijn de banenmotoren van Nederland. Ook de inkomens stijgen in de steden harder dan in de omliggende gebieden; tot wel 11% extra voor hoger en 4% voor lager opgeleiden. Daaruit kan worden afgeleid dat juist in stedelijke gebieden de inkomensongelijkheid tussen arm en rijk zal toenemen. Niet omdat de ‘armen’ armer worden, maar omdat de rijken nog rijker worden. Dat doet de prijzen in de stad stijgen en ‘duwt’ mensen met lagere inkomens naar de randen. In Almere -dat door Raspe wordt aangemerkt als onderdeel van het stadsgewest Amsterdam-  zijn met name de middeninkomens en lagere inkomens goed vertegenwoordigd. Ontstaat er dan een verschil in inkomen tussen Almere en andere delen van de agglomeratie? Raspe noemt enkele beleidsinterventies om inkomensomgelijkheid tegen te gaan.

Versterken van menselijk kapitaal

Raspe pleit voor beleidsinterventies die zich richten op het versterken van het menselijke kapitaal. Hij is van mening dat fysieke ingrepen weliswaar de uitstraling en structuur van een gebied kunnen verbeteren, neem de Kop van Zuid in Rotterdam als voorbeeld. Prachtig gebied geworden met nieuwe activiteiten en inwoners. Maar de oorspronkelijke bewoners, individuen en daarmee de samenleving schieten daar niet zoveel mee op omdat hun sociaaleconomische positie niet is verbeterd door dit project. Scholing, arbeidsmarkt- en integratiebeleid hadden in hun geval meer soelaas geboden.

De sessie Trek naar de stad is vastgelegd op film. Bekijk hier hoe het er aan toe ging.

 

Presentaties

 

  • foto sessie 1
  • foto sessie 2
  • Foto sessie 3
  • Foto sessie 4

Reageren zonder in te loggen? Schrijf je reactie, vul je naam en e-mailadres in en vink ‘Ik reageer liever als gast’ aan.